home
graancirkel websites
klik voor artikel
klik voor artikel
klik voor artikel
klik voor artikel

  contact

GRAANCIRKELS

BEELDTAAL GEWASFORMATIES

Hackpen Hill, 26 8 2012.


Hackpen Hill, 26 8 2012. Foto: Simon Brown,
met dank aan cropcircleconnector.com.

De genius van ascentie.

Deze briljante formatie heeft mensen versteld doen staan vanwege haar superieure ontwerp en kwaliteit in de uitvoering ervan. Het is duidelijk wat genoemd wordt de "Grote Afsluiter", en dan ook nog eens voor het graancikelseizoen van het jaar der jaren 2012! Nauwgezette analyse verraad zelfs nog veel meer uitmuntendheid dan op het eerste gezicht duidelijk wordt, een eigenschap dat in feite karakteristiek genoemd kan worden voor veel gewasformaties.
Ik heb dit artikel in twee delen gesplitst. Deel 1 betreft een technische verkenning van het ontwerp. Deel 2 gaat over de interpretatie.

DEEL 1. (technische aspecten)

In globale termen spreken we van een kubus omgeven door een ring. De kubus ziet er uit alsof het opgebouwd is met behulp van een veelvoud aan kleine kubussen. Aan de omtreklijnen van de grote kubus ontdekken we dat de kleine kubussen open gewerkt zijn, en daardoor hun skelet tonen. De kubus lijkt te drijven op een schijfvormige achtergrond dat een prachtige textuur bezit van gewoven kolven van goudglanzend graan. Kijkend naar de ring kunnen we zeggen dat het een brede ring betreft en dat het doorsneden wordt door een bijzonder delicate, messcherpe en dunlijnige cirkel. Deze scherpe cirkel wijkt enigszins af van het midden zodanig dat het zowel de binnenkant als buitenkant van de brede cirkel raakt.

Diagram.
Zoals we zullen zien herbergt de Hackpen Hill formatie een overvloed aan getallen. Behalve de zeer basale getallen 6, 8 en 12 die elke normale kubus definieert, (6 zijkanten, 8 hoekpunten en 12 lijnen) verschaft deze Hackpen kubus ons aanzienlijk veel meer getallen vanwege de toepassing van deelkubussen. Daarbij ontlenen we deze getallen aan zowel een twee-dimensionaal als een denkbeeldig drie-dimensionaal perspectief. De ambivalentie tussen 2-D en 3-D zal een crusiale rol gaan spelen in deze studie.

Sprekend over getallen, om te beginnen mogen we in het twee-dimensionale perspectief denken in termen van ruiten die kunnen worden geteld. Uiteraard is het ook mogelijk om telwerkzaamheden te verrichten terwijl we de figuur opvatten als een drie-dimensionaal object. Alleen spreken we in dat geval in termen van kubussen, blokken of bouwstenen.

Getallen ontleend aan het tellen van eenheden.
In 2D zijn de getelde eenheden ruiten (of tegels), in 3D zijn het kubussen.
Aandachtwaardig is een verschil tussen open en gesloten oppervlaktes. Dit verschil oogt betekenisvol en volgens een zekere ordening. Concreet gesproken; de geopende oppervlaktes behoren toe aan blokken die de buitenste randen van de totale kubus vormen.

Hoewel het totaalaanzien van de grote kubus er tiptop uitziet, onthult een nadere inspectie dat 13 van de kleine open kubussen een soort "onmogelijkheid" vertonen in perspectivisch opzicht. Ze blijken door de vorm van hun innerlijke constructie misplaatst in ruimere context van de grote kubus. Het blijken onmogelijke kubussen. Ze zijn nep! In veroordelende termen; ze zijn fout!
   
Left: Diagram naar het origineel.
Right: Diagram volgens te verwachten logica van harmonie.
Maar wacht eventjes… Zouden we de buitenkant kubussen (alleen volgens 2-D opzicht) wegnemen, dan wordt het mogelijk naar het plaatje te kijken alsof we een bovenhoek in een doos of kamer zien. Met andere woorden; we zien ons zelf geconfronteerd met een interieur. Naar mijn idee is daar niets fout aan. Het geeft alleen wel een conflict prijs tussen de binnenkant en de buitenkant.
   
Links: Als van buitenaf bekeken. Rechts: Als binnenin een interieur. (de UFO is een licht-ornament)
Het kunstwerk beschouwend als een meesterwerk zoals zelden eerder is vertoond, zal dit conflict hoogst waarschijnlijk bewust zo zijn ingebracht. Ik zal dadelijk aantonen dat dit inderdaad het geval is, maar eerst wil ik nog even doorgaan met het oprakelen van gerelateerde getallen.

Getallen gevonden door de buitenkant categorie (in 2D) op te tellen.

Getallen gevonden door de buitenkant categorie (in 3D) op te tellen.
(Het betekent dat zowel de zichtbare als gevisualiseerde kubussen aan de achterkant zijn geteld.)
Waarom kunnen we zeggen dat het conflict tussen binnen en buiten opzettelijk is ingebracht? Wanneer we buitenring vergelijken met de merkwaardige kubus, dan vinden we opnieuw een verdraaiing in het perspectief. Het is alsof de ring is omgekeerd. Alsof de achterkant zo is gedraaid dat het gedeeltelijk aan de voorkant zichtbaar is. Zoals de afwijkende 13 kleine kubussen lijken te doen, is het binnenstebuiten gekeerd. Deze "binnenstebuiten" of "omkering" overeenkomst is slechts een eerste indicatie die mijn thesis van opzettelijk toegepaste onmogelijkheden onderbouwt.
   
Links: Omgekeerde ring laat beide kanten tegelijk zien.
Rechts: Omgekeerde ring lijkt tevens een uitnodiging voor verdere expansie!
Behalve een omkering overeenkomst vinden we tevens een correspondentie in afmetingen. Zoals het rechter diagram laat zien, oogt de ring bijna als een uitnodiging tot uitbreiding van de kubistische constructie. Tegelijk merken we op dat de kleine kubieke eenheid zoals die voor de demonstratie is toegevoegd, op een specifieke wijze is gedeeld. Ik neem aan dat we kunnen stellen, dat het allemaal onderdeel uitmaakt van een dualistische invloed. Hoedanook, het geeft ons een hoop nieuwe denkrichtingen.

Voor dit moment blijf ik bij de zoektocht naar een volgende indicatie die de opzettelijkheid van de onmogelijkheden, ondersteunt. Zoals we mogelijk hebben ondervonden tijdens het bekijken van de diagrammen die gaan over het tellen, een ernstige vorm van kortsluiting kan zich in onze hersens voordoen indien we proberen de centrale kleine kubus een plaats te geven. We kunnen er niet zeker van zijn te kijken naar een echte kubus of een interieur of elementen van naburige blokken. Zelfs elementen van naburige blokken van naburige blokken kunnen worden waargenomen!
   
Links: Iets waar lastig vat op te krijgen is.
Rechts: A subjectieve correctie in de richting van een optie.
In een poging om toch enigszins grip te krijgen op dit probleem, zou één uit verschillende opties kunnen zijn om de enkele geïsoleerde kubus te vergelijken met een groep van 8 kleine kubussen. Wat dan blijkt, is dat de centrale kubus een klare illusie betreft.
   
Samengestelde kubussen met rijen van een even getal aan blokken kunnen geen centraal blok bevatten.
Acht kubussen die elk 1/8 deel missen op een manier waarin een extra kubus mogelijk wordt.
Zouden we blijven aandringen op een werkelijke centrale kubus in een 3-D omgeving, dan zou de groep van 8 blokken wat ruimte moeten opofferen, zodanig dat de 8 blokken tot incomplete kubussen worden gevormd. Hopelijk volstaan de hierboven geplaatste diagrammen om duidelijk te maken wat ik bedoel. Hoedanook, het is een feit dat samengestelde kubussen met rijen van een even getal blokken onder geen conditie een centrale blok kunnen bevatten.

Nu ik tot hiertoe heb uitgewijd over deze zogenaamde centrale kubus, is opnieuw een indicatie tot doelbewuste onmogelijkheid aan het licht gekomen. Deze keer blijkt dat de onmogelijkheid slechts onmogelijk is in de context van een onjuiste aanname. Er was slechts het vooroordeel, van een kleine kubus in het midden!

Door middel van het eerder gevonden potentieel voor expansie, en dit tesamen met het volgen van stadia of stappen van groei, vinden we dat met iedere stap er een conflict optreedt tussen het "bestaan" en "niet-bestaan" van een centrale steen. Hiermee probeer ik onder andere te zeggen dat, in geval van rijen die bestaan uit een oneven aantal blokken er weldegelijk een centrale kubus mogelijk is…

Laten we doorgaan op het spoor van gerelateerde getallen. We zullen nu iets zeer fascinerends gaan tegenkomen!

Op de dag dat de formatie werd gerapporteerd, dat was 26 augustus, werd ik wakker met een subtiele stem in mijn hoofd die me "zesentwintig" influisterde. Op de één of andere manier wist ik dat de finaleklapper was gearriveerd, en dat dit getal er een sleutelrol in zou spelen. Intuïtief voelde ik aan dat er meer was met deze 26 dan dat het enkel de dag van rapportage zou betreffen.

De dag tevoren had ik gewerkt aan een hoofdstuk over segmenten in gewasformaties die mede gevormd zijn door tractorsporen. Uiteraard kon ik de verleiding niet weerstaan om ook in dit late zomergeschenk, de segmenten te tellen. Het bleek een schot in de roos! De buitenring bevatte 26 segmenten. Om precies te zijn, twee keer 13 segmenten! Ten einde de segmenten te vinden dienen dus de tractorsporen te worden betrokken bij de verschillende elementen van het ontwerp. Het volgende plaatje zal verduidelijken wat ik bedoel.

Twee keer dertien segmenten in een speciale ring.
We hebben thans een buitenring met 13 segmenten aan de voorkant. Ook nog eens 13 segmenten aan de achterkant die zichtbaar is gemaakt met behulp van het speciale omkeringseffect. Beide dertientallen smeken erom te worden vergeleken met de 13 omgekeerde kubussen aan de voorkant van de grote kubus… Is er veel fantasie voor nodig om voor te stellen dat er nog eens 13 kleine kubussen aan de achterkant van de grote kubus zullen zijn? Afgezien van hoe die verborgen kubussen aan de achterkant eruit zullen zien, de 2 keer 13 plús 2 keer13 is hier veel te toevallig om toeval te mogen heten!

Deze opmerkelijke overeenkomst is alweer een duidelijke indicatie voor het idee dat de onmogelijke kubussen geen vergissing zijn, maar met opzet ingebracht.

Een andere clou met betrekking tot 26 in zake de formatie, is dat het getal de som betreft van al de meest basale getallen van een kubus. Dus, 6 zijdes plus 8 lijnen plus 12 hoekpunten bij elkaar opgeteld, maken tesamen 26.

Aangezien we de segmenten van de ring hebben geteld, zou het van half werk getuigen indien we de segmenten in de kubus zouden overslaan. De ene tegelmuur bevat 27 segmenten. De andere 28 en grappig genoeg blijft er dan nog een muur over die óf 27 óf 28 segmenten bevat. Dit zijn verdraaid logische opvolgers van de 26 dunkt mij. Als zodanig te beschouwen als een hint in de richting van een zekere uitbreiding of groei?

Totaal in wit; 28 segmenten, in roze; 27 segmenten, in geel; 27 of 28.
Indien we goed hebben opgelet, weten we dat getal 27 maar even 3 keer is opgedoken in de diagrammen die de fases van groei behandelen. Twee keer in 2D opzicht en één keer in 3D opzicht.
Men zou daarom dadelijk geneigd zijn, om getal 27 het voordeel van de twijfel te verlenen, als het erop aan komt een oordeel te vellen over de onduidelijke tegelmuur met de gele getallen.

Mogelijkheid tot het nemen van een arbitrair besluit?
Ik herinner mij een enorme gewasformatie in hetzelfde Hackpen veld, in 2008 om precies te zijn, die zowaar één enkele korenhalm gebruikte om een heel segment te vertegenwoordigen!

Misschien is het de moeite waard om Red Collies bespiegeling ten aanzien van de formatie erbij te nemen. Hij geeft aan dat elke zijde van de grote kubus 20 open kubussen kunnen worden geteld. In zijn visie representeren deze open kubussen de vierkantswortels van 2. Dat betekent telkens 20 keer de vierkantswortel van 2, is gelijk aan 20 keer 1,414, is gelijk aan 28,28. Dat is een intrigerend getal nadat we twee keer 28 segmenten hebben gevonden. Of was het twee keer 27 segmenten?

Wat ook het geval mag zijn, wanneer de vierkantswortel bij het verhaal betrokken is, betekent dit dat er iets aan de hand is met diagonalen. In deze richting verder onderzoekend, ontmoeten we een andere interessante bespiegeling. Het is aangereikt door Bnktop Mahbko (bespaar het me de naam uit te spreken) die demonstreerde hoe de drie dagen tevoren ontdekte formatie van Oxleaze Combe paste in elk van de drie zijdes van het cubieke systeem van Hackpen Hill.
   
Links: Oxleaze Copse, 2012. Rechts: Interessante projectie door Bnktop Mahbko uit Rusland.
Deze projectie ietsje verder uitkristalliserend, zullen we gemakkelijk herkennen dat de achtergondschijf van de Oxleaze Combe formatie, in het hart van de grote kubus geplaatst moet worden. Een kubus betreft immers een 3D representatie. Dit is voedsel voor wiskundigen lijkt mij. Meer in het bijzonder de wiskundigen die geobsedeerd zijn met het bewijzen van de quadratuur van de cirkel. Misschien hebben ze nu een stuk gereedschap om de bol te kubusideren?
   
De projectie wat verder uitgewerkt. (Twee opties.)
De bol is in verhouding to de grote kubus behoorlijk klein uitgevallen. (overigens toont het diagram niet de precieze grootte vanwege het vervormen naar 3D) Misschien moeten we de bal niet kubusideren maar quadrateren? (vierkanteriseren?) In lijn met de suggestie van het quadrateren van gebogen objecten moet ik u beslist attenderen op een inzicht afkomstig van Bert Janssen.
   
Een uitleg over het dunlijnige cirkel mysterie. © Bert Janssen.
Onder de aanhef van; "the thin circle mystery", legt Bert het volgende uit: Het diagram aan de linkerkant laat de formatie zien met "de quadratuur van de cirkel" benadrukt. Het diagram rechts toont de cirkel verschoven naar rechts. Merk op hoe het exact de dunlijnige cirkel overlapt. De dunlijnige cirkel in de formatie is daarom deel van een verborgen "quadratuur van de cirkel"!

De as is lichtelijk gedraaid ten opzichte van het hoogste en laagste punt van de dunlijnige cirkel.
Als een andere eigenschap van de dunlijnige cirkel kan haar diameter beschouwd worden. Zouden we het hoogste punt met het laagste punt willen verbinden, dan treffen we een behoorlijke marge aan om dat te bereiken. De meest voor de hand liggende manier om deze diameterlijn te construeren, is door aan te nemen dat de meest nabije as in de kubus slechts verlengd dient te worden. Het lijkt acceptabel, maar is incorrect.

Na de snijpunten (of ontmoetingspunten) van de dunlijnige cirkel te hebben geïnspecteerd, blijkt dat zowel het hoogste als het laagste punt lichtelijk uit positie is in vergelijk met de eerder incorrect aangenomen as. Er blijkt een verschil van ongeveer 2 graden. Hoewel het lastig is om de exacte snijpunten (of ontmoetingspunten) te localiseren, ben ik er toch zeker van, dat we kunnen spreken van een lichtelijk gedraaide middellijn. Onthoud deze lichtelijke draaiing voor later.

We hebben de dunlijnige cirkel de brede ring in een aantal segmenten zien verdelen. De dunlijnige cirkel voorziet tevens in een perspectief waarvan we kunnen zeggen dat het voorkant en achterkant, en in de manier waarop, tevens binnenkant en buitenkant tegelijk laat zien. Daarna gaf Bert Janssen ons dat de dunlijnige cirkel onderdeel uitmaakt van een vierkant rondje. Zojuist vonden we in verband met de dunlijnige cirkel ook nog een lichtelijke draaiing. Zou men nu denken dat dit alle beschikbare informatie betreft die aan deze cirkel ontleend kan worden, dan heeft men het mis…

Indien we de brede ring beschouwen om verschillende segmenten te detecteren, dit keer zonder op tractorsporen te letten, dan zien we dat de dunlijnige cirkel er voor twee verantwoordelijk kan worden gehouden. Deze twee segmenten kunnen we gemakkelijk als "maanschijven" aanvaarden. Curieus genoeg verscheen de formatie in een maand waarin er zich twee keer een volle maan zou voordoen. De tweede volle maan noemt men "een blauwe maan". De blauwe maan was te zien op vrijdag 31 augustus. De blauwe maan is een zeldzaam fenomeen. Uiteraard kan dit verschijnsel zich enkel voordoen binnen de context van onze Gregoriaanse kalender. Zouden we een veel natuurlijker kalender volgen zoals de Maya Tzolkin kalender, dan zouden er geen maanden bestaan met twee keer een volle maan. Dit komt omdat een jaar dan 13 maanden van 28 dagen zou bevatten.
    
Sprekend over de Tzolkin kalender, een kalender die gebaseerd is op de maancycli, ik herhaal: "MAANCYCLI", is het niet intrigerend om de getallen 13 en 28 weer op de voorgrond te zien dobberen?

Naar mijn inschatting hebben we nu echt wel genoeg over de dunlijnige cirkel uitgewijd, om tot de grote kubus of het interieur terug over te gaan. Als we het object beschouwen in contrast met de fraai gewoven achtergrond, dan moet ik zeggen dat het me nogal zwaar en donker op me over komt. Het ziet er ook behoorlijk dicht uit aangezien alleen de randen opengewerkte kubussen (of nepkubussen) bevatten. Vrijwel vanaf het begin dat ik de foto's van de formatie zag, had ik het gevoel dat er een volgende phase zou kunnen plaats vinden. De kubus in zijn geheel had meer open kunnen zijn en als gevolg een minder solide indruk kunnen geven. Het zou er zelfs mooier door kunnen worden dan het al is. Ik heb dan ook een aantal suggesties gepost in die richting, stiekum hopend dat een tweede fase inderdaad zou plaats vinden, maar helaas, dat gebeurde niet. Althans, niet zo spectaculair als ik hoopte.

Het was toen ik de getallen 27, 28 plus een twijfelachtig 27 óf 28 vond, dat ik verwachtte dat een verandering in de nacht van 27 op 28 augustus heel goed mogelijk zou zijn. Zoals ik net verklaarde gebeurde dit in ieder geval niet op spectaculaire wijze, maar toch ontdekte Andrew Pyrka aan de rand van het veld op de 28ste augustus een zogenaamde grapeshot. Een fase zoals deze is misschien niet bijster opzienbarend, maar toevoegingen als deze kunnen zeer belangrijke aanwijzingen in zich dragen.

Grapeshot at August 28. © Andrew Pyrka
   
Links: Het Grapeshot van een afstand lijnt uit met een zijde van de constructie. © Black
Rechts: De uitlijning veroorzaakt twee bochten. © Black
In dit geval blijkt er een relatie tussen de formatie, de grapeshot en de landschappelijke omgeving. Er is namelijk een overeenkomst in bochten. Één bocht (van de weg) op de heuveltop, een andere bocht (als onderdeel van de formatie) beneden aan de voet van de heuvel. Aldus kunnen we met dit boven en beneden een nieuwe dualiteit toevoegen aan het binnen en buiten of voor en achter. Links en rechts hadden we nog niet zo voor het voetlicht gebracht, maar ook die dualiteit is duidelijk van de partij in de hoedanigheden van de formatie. Overigens, we kunnen door middel van deze bochten opnieuw een "lichtelijke draaiing" herkennen. De eerdere lichtelijke draaiing hebben we zeker nog onthouden.

Het idee de kubus, of beter, "de structuur" te draaien, voegt uiteraard nieuwe perspectieven voor interpretatie toe. Eerder in het 2012 seizoen was ik hooglijk gefascineerd door een graanformatie nabij Liddington. Deze Liddington formatie is volgens mij stevig gerelateerd aan de Hackpen formatie. Het lijkt ook te vertellen over kubus, perspectief en draaiing.

Liddington, 1 juli 2012. © Peter March
De Liddington formatie presenteert een constructie die nauwelijks aan een kubus doet denken, maar bij nadere observatie kunnen we toch een kleine kubus ontdekken rondom het centrum. Aangezien deze kleine kubus ook nog eens deel uit maakt van een groep van meerdere kleine kubussen, moeten we accepteren dat dit centrum basaal dezelfde constructie-eigenschappen heeft als de Hackpen Hill formatie. Alleen verdwijnen de kleine kubussen hier geleidelijk aan in een perspectivische vervorming.
   
Centrum van de Liddington formatie. Links: © Peter March. Rechts: © Randell.
In geval we dieper inzoomen op het centrum van de Liddington formatie, dan ontdekken we iets heel subtiels. De drie paden die samenkomen in het midden demonstreren een spel met lijndikte. Aangezien ik gelukkig genoeg ben gebleken de formatie te hebben bezocht, ben ik in staat enkele gedetailleerde foto's te tonen die duidelijk maken wat ik bedoel.
   
Linkerhand lijnen versus rechterhand lijnen. © Randell
Er is een soort draaiing-effect betrokken in de manier waarop deze drie paden op elkaar aansluiten. Het is gedaan door middel van het gebruik van de zijkanten van de paden. De precieze grens tussen staand gewas en omgelegd gewas kan als een lijn op zich worden begrepen. Zo gezien heeft elk pad dus twee zijlijnen. Als je in de richting van het centrum loopt, dan heb je een (grens-)lijn aan je linkerhand en een grenslijn aan je rechterhand. De linkerhand-lijnen blijken elkaar dichter nabij het exacte middelpunt te vinden, dan de rechterhand-lijnen. Ook het geval is, dat de driehoek die door de linkerhand-lijnen wordt gevormd, geflipt of omgekeerd lijken ten opzichte van de driehoek die de rechterhand-lijnen maken. Dit betekent dat we ons nog extra lijnen zullen moeten inbeelden in geval we het exacte middelpunt willen vinden. Deze extra lijnen zouden geconstrueerd moeten worden, ergens aan de linkerhelft van de paden. Verdere inspectie van de Liddington formatie wijst uit dat verschillende werkelijk gemanifesteerde lijnen corresponderen met deze subtiele "flip" of "draaiing" in het centrum.

Om terug te keren tot de Hackpen Hill formatie; we vinden er eveneens een soort draaiing in het midden. Het betreft welliswaar een veel gebruikelijker type draaiing, aangezien het een soort vortex-uitdrukking betreft in een bundel halmen, maar in wezen is en blijft de overeenkomst; "draaiing in het midden". Deze draaiing in het midden kan ons mogelijk vertellen dat de kleine afwijkend geconstrueerde kubussen eventueel omgevormd kunnen worden tot meer harmonieus ogende kubussen.
   
Centrum van de Hackpen Hill formatie. Left: © Simon Brown. Right: © Brigitte Williams.
Soms nemen de gebeurtenissen een loopje met mijn onderzoeken. Direct nadat ik een punt had gezet achter het opstellen van dit eerste deel, bereikte mij nieuw materiaal afkomstig van Brigitte Williams die de formatie juist had herbezocht. Ze had in het centrum twee nieuwe gedraaide bundels aangetroffen! En dat terwijl ik me aan het einde had geconcentreerd op de mogelijke dynamiek betrokken bij het centrum...

Wat mij betreft is deze toevoeging een bevestiging van het idee dat er een "kantelpunt" aanwezig is. Het toont een "voor" en een "na" het eigenlijke omwentel-moment. Gelet op de verhoudingen tussen de bundels onderling als op ook hun ligging ten opzichte van het trio 27-28-27of28, zou het ook kunnen betekenen dat de twee nieuwe vortex-achtige bundels de 3 pranische energie-meridianen voorstellen, waarover verderop meer.

Zoals we merken is er altijd weer sprake van synchroniciteiten in een actueel continuüm dat soms verdraaid lastig te behappen is.

Twee nieuwe draaikolken gevonden op 9-9-2012 in het centrum van de Hackpen Hill formatie.
Foto; © Brigitte Williams.

 

DEEL 2. (interpretaties)

Als het belangrijkste thema van deze formatie kan men denken aan "de kubus". In ieder geval, de hoofdzakelijke indruk van de formatie blijft een kubus, zelfs wanneer dit, zoals we hebben gezien, een illusie blijkt.

Een kubus stelt, algemeen gesproken, een staat van perfectie voor. De hoogst haalbare cultivatie van "de bol". Het kan beschouwd worden als het meetkundige object der meetkundige objecten. Een verstandsconstructie of –projectie ten aanzien van evolutionaire voltooiing. De kubus kan ook het universum of de hemel voorstellen.

Hackpen Hill, 2012 © Lucy Pringle.
Wat mij betreft lijkt de formatie een product uit dezelfde school die verantwoordelijk moet zijn geweest voor de formatie die een "penrose-driehoek" tot uitdrukking bracht in 2005 aan Waden Hill. De penrose-driehoek representeert "onmogelijkheid in zijn puurste vorm". Er zijn veel aspekten in beide formaties die overeen komen, hoewel het aan de oppervlakte misschien niet meteen duidelijk is. Ook de "Sugar Hill formatie van 1 augustus 2008 heeft dezelfde excellentie als deze twee en onthult bij nadere beschouwing hetzelfde probleem van onmogelijkheid.
   
Links: Waden Hills Penrose driehoek formatie. © Peter Sorenson.
Rechts: De excellente Sugar Hill formatie. © Steve Alexander.
De manier waarop de kubus wordt voorgesteld bij de Hackpen formatie, maakt duidelijk dat we kunnen spreken van een constructie aangezien het blijkt opgebouwd uit meerdere kleine kubussen. Daarbij zijn een aantal kubussen geopend zodat hun skelet-structuur zichtbaar wordt. Men zou ook van kaders kunnen spreken. Het is grappig hoe de kubus als geheel het idee van "geraamte" of "raamwerk" eveneens omarmt. Begrippen als "denkraam" of "gedachtenkaders" waaien thans mijn denkraam binnen.

De graancirkelkubus, omdat het is opgebouwd uit kleine kubussen, heeft veel gelijkenis met de beroemde "Rubic's cube". Het is zeker de moeite waard om Rubic's geniale uitvinding in al haar aspecten te bestuderen, aangezien het ons een beter begrip kan verschaffen ten aanzien van bepaalde ideeën achter de Hackpen formatie. Denk bijvoorbeeld aan; "balanceren tussen rollen (of draaien) en blokkeren".
kat met rubicks cube
De Rubic's kubus verschaft een beter begrip.
Significant voor de interpretatie is het idee van meerdere kleine kubussen versus één alomvattende kubus, de som van al de kleintjes. Dit idee kan eenvoudig worden getransponeerd op bijvoorbeeld; de structuur van de maatsschappij. In andere woorden; "het systeem". Vele individuën tesamen georganiseerd, vormen een massieve totaalstructuur (totalitair?) dat in meerdere of mindere mate elk individu weerspiegeld. Religieus gezinde mensen zullen eventueel geneigd zijn om een Godbeeld in de grote kubus te zien.
Een ander voorbeeld zou kunnen gaan over de vele levende cellen die tesamen een orgaan of organisme vormen.

Voor zover het de kleine kubussen betreft, zou ik voor even vast willen houden aan het idee van gedachtenkaders of karakterstructuren. Geloofsystemen, zou ik er ook nog aan toe willen voegen. De geconditioneerde denkramen van waaruit we keuzes maken en handelen gedurende ons leven. Het zal duidelijk zijn dat deze individuele constructies gevormd zijn door invloeden of ervaringen die afhangen van iets dat aanzienlijk groter is dan wat we als individuën zijn. Tegelijk creëren we een veel grotere constructie op basis van onze individuele keuzes. Pindakaas daarbij is dat we niet altijd de consequenties overzien van onze creatieve kracht. Misschien stimuleert de formatie onze mogelijkheid om wijdere vergezichten waar te nemen.

De kubussen als gedachtenkaders te interpreteren zou naar mijn mening niet verward mogen worden met deze te zien als individuen an sich. Het mag van pas komen dat mensen hun gedachten kunnen veranderen, of dat ze zich op bestaande gedachtenconstructies kunnen afstemmen. Het is daarom, dat denken in termen van gedachtenconstructies één niveau dichter nabij de oorzaak der dingen ligt, dan wanneer we de kubussen zouden opvatten als individuën. Gewasformaties zoals ik ze begrijp, hebben gewoonlijk de neiging ons naar de bron der dingen te leiden. Dit houdt automatisch in, dat meerdere interpretaties mogelijk worden.

Ik zal op deze plaats niet vragen wat het is dat onze gedachten bezig houdt. In het verlengde daarvan zal ik evenmin preken over de conditie van ons verstand. Hier uit volgt dat er geen antwoorden beschikbaar zijn ten aanzien van geluk, controle, kennis, liefde, lust, macht of wat al niet meer.

Bijzonder essentieel aan aan het ontwerp van de formatie is de problematische 13 omgekeerde of illusionaire kubussen. Het lijkt erop, dat als er een boodschap over gedragen wil worden, dat het zal gaan over verstoorde harmonie.

"Ontwrichte harmonie", een monumentaal schilderij dat ik jaren geleden maakte.
© Randell
De boodschap zou kunnen gaan over de betekenis en invloed van de 13 onmogelijke constructies ten aanzien van het groter geheel. Deze onmogelijke constructies of mis-concepties dagen de aanschouwer waarschijnlijk uit op een emotioneel niveau. Ze passen namelijk niet in ons onderbewuste gevoel voor harmonie. Het kan zich zelfs aan ons voordoen, of er een grote, al dan niet wanhopige, "waarom" vraag wordt gesteld.

Toch hebben we ontdekt dat het allemaal een kwestie van perceptie betreft. De 13 nepkubussen kunnen gezien worden als dienstbaar aan de logica van het aantonen van een interieur. In dat perspectief worden de 30 buitenkant kubussen opeens de disharmonische elementen.

Met andere woorden, tenzij beide richtingen van zien (zienswijzen), willen worden gezien, zal óf de ene óf de andere richting gemakkelijk als "negatief" worden beschouwd. Het kan dus zeker het geval zijn dat het Hackpen kosmogram communiceert over de vitale kwestie; "waarom hebben we te maken met disharmonie?" Het schijnt me toe dat een groot deel van het antwoord zojuist is gegeven. We zien de dingen op de manier waarop we ze willen zien. "Positief"en "negatief" zijn slechts etiketjes die we ergens op plakken door een subjectieve zienswijze.
Hoewel dingen niet juist op elkaar aansluiten, co-existeren ze naast elkaar in een bepaald soort rangorde. We hebben gezien dat er bepaalde functies zijn voor de tegenstrevende richtingen. Ook lijkt het alsof het getal 13 hier functioneert als de ultieme transformeerder van het hele probleem. (Ik beschouw de centrale kubus als de dertiende van de omgekeerde groep.)

Naar het centrum toe is het de "orde" van 13 waarmee we ons geconfronteerd zien. Een uitdrukking als deze kan ons eenvoudig de leringen van Jezus Christus en zijn 12 apostelen in herinnering brengen. Aan dit idee verwant is er de algemeen bekende associatie met nummer 13 als het getal van de dood. Het getal dat bijgelovige mensen liever ontwijken aangezien het staat voor ernstig ongeluk. Het was Jezus die door de 13de positie in te nemen, zichzelf in staat stelde de opstanding uit de dood te onderwijzen.

Het laatste avondmaal van Jezus Christus temidden zijn 12 apostelen.
De centrale kleine kubus als onze nummer 13 aanvaardend, lijkt het alsof we het hart van alle illusies aanschouwen. Het is een niet-bestaande kubus die eruit ziet als een bestaande. In termen van karakterbouw roept het op tot zelf-opoffering. Laat ik daarbij direct aantekenen dat de kunst van zelfopoffering niet verward dient te worden met zelfmoord in meest gebruikelijke betekenis. Het is vele malen passender te denken in termen van het sterven van vele doden gedurende het leven. Het gaat dan over het logische gevolg van het "gedenk te sterven" axioma. Zelf-reservering is mogelijk een andere bruikbare term in deze kwestie. De dertiende spreekt van een zekere dood en tevens de illusie van de dood, meteen gevolgd door de overwinning op de dood. Of zou ik moeten zeggen, de overwinning van een illusie?

Concentrerend op kubus 13, kunnen we zelfs denken aan een "anti-christus" in geval we er naar kijken vanuit een omgekeerde positie. Het zou een massief zwart gat kunnen voorstellen, een hart van duisternis als een kosmische noodzakelijkheid dat het nodig heeft het licht tegen te streven om zo diversiteit in de schepping mogelijk te maken. In dat geval zien we de kleine kubus als een kleine ondeugende leugenaar, terwijl de formatie als geheel het centrum van alle conflict belicht.

Van het Crowley Tarot; nummer 13, de dood.
Wat het centrum ook mag vertegenwoordigen, het is bloot gesteld aan het licht van in ieder geval de graancirkel-enthousiasten, en het zal zeker een weg vinden tot grotere groepen mensen. In plaats van de "constructieven" of "creatieven", vinden we de "obstructieven" die een centrum van organisatie bezetten en dit, zoals aangetoond, ook omgekeerd, eenvoudigweg op basis van wat we hopen te vinden, of te realiseren! Verplaats dit idee voor de aardigheid eens naar het voortdurende conflict tussen de zogenaamde "gelovigen" en de zogenaamde "sceptici" die de graancirkel gemeenschap zo rijk is. Wie weet komt er een dag waarop we deze tragische stupiditeit zullen overwinnen…

De 12 zodiak tekens.
Een ander idee, dat eveneens diep in het collectieve onderbewustzijn is geïnstalleerd en dat een groep van 12 rondom een centrum van essentieel belang draagt, is dat van de zodiak cirkelend om ons planetenstelsel. De aarde of de zon wordt daarbij gewoonlijk als het middelpunt gedacht. Misschien omarmt de geometrisch abstracte voorstelling van de Hackpen formatie zowel het idee van de Christus met zijn apostelen, als tegelijk het idee van de zodiak om de zon of aarde?

Sinds heugenis stellen in astrologie de 12 zodiak-tekens in essentie 12 te overwinnen illusies voor. Ik geef het een niet geringe kans dat het idee van de 12 apostelen gebaseerd is op exact hetzelfde idee. Een doctrine die onderwijst hoe men meester wordt over 12 oorspronkelijke illusies. De nummer 13 moet de absolute heerser zijn over deze illusies. Hij of zij vertegenwoordigt ze alle 12. Het is de transformeerder voor de 12. Ook de 12 randen of buitenkant lijnen die een kubus heeft, kunnen aan hetzelfde idee refereren.

Tot hiertoe hebben we onze graankubus geassocieerd met een model van een perfect universum. We hebben het geassocieerd met eerdere formaties die de onmogelijkheid in puurste vorm en de eindeloosheid van een indrukwekkende sterfractal (Sugar Hill) tot uitdrukking brachten. We hebben gedacht aan de kubus als een gedachtenkader. We merkten de overeenkomst op met de Rubic's cube. We noemden de analogie met de structuur van de samenleving en natuurlijke organisatie. Concentrerend op de uitdagende 13, associeerden we met de leringen van Christus, met de dood als illusie en met ontwrichte harmonie. Ook legden we een verband met het midden van de 12 zodiak-tekens.

Nu deze opsomming is gedaan, blijft er verder nog één associatie over, waar ik het nodige over wil uitweiden. In feite kan het "model voor het universum" waarmee ik begon als overeenkomend, of naast verwant worden beschouwd. Ik heb het thans over de Kaballa.

De mystieke boom des levens die tevens de boom van kennis belichaamt, heeft vele invalshoeken en aspecten om te bekijken. Het is daarom dat de Kaballa veel variaties in de schematische weergave kent. Als gevolg van deze meervoudige toepasbaarheid vond ik het volgende diagram het best geschikt om te vertellen de basale orde van licht, duisternis en alles wat zich tussen deze extremen bevindt.

De Kaballa boom geprojecteerd op de formatie.
Bovenaan vinden we een witte bol, in kaballistische termen een "sephira" genaamd. Aangezien wit alle kleuren van het lichtspectrum bevat, kan het net zo goed het licht zelf vertegenwoordigen. Aan de linkerkant is een zwarte sephira die, uiteraard, met duisternis geassocieerd kan worden. Tussen de lichte en de donkere bol bestaat er nog een stadium, de grijze sephira. Het zal niet moeilijk zijn te begrijpen, dat zeer vele grijstinten kunnen worden gevonden als resultaat van de graad van verduistering.

Het zojuist geschetste drietal wordt ook wel het trivium genoemd als het gaat om methodologisch denken. Het is een oorzakelijke drie-eenheid aan de top van de drie kaballistische zuilen. In de Oosterse yoga komen ze overeen met de pranische kanalen van levensenergie, genaamd; Ida, Pingala en Sushumna.

Het is met de vele gradaties van verduistering, dat er iets interessants gebeurt dat de natuur van kleur aangaat. Kleuren zijn alle gebaseerd op de breking van het licht. Het heeft alles te maken met texturen die verschillende schaduw-effecten creëren. In essentie, en hoe lastig het ook mag zijn om te begrijpen, heeft objectief gesproken alles in de werkelijkheid slechts enkel grijstonen als gevolg van de breking van het licht. Het is onder invloed van de beperking van onze zintuigen, meer specifiek ons zichtvermogen, dat we al de grijze superfijne texturen vertalen naar een fantastische illusie van kleur. Maar in essentie is het gezegd een psychisch fenomeen te zijn.

Observatie van kleur is slechts een psychisch of psychologisch attribuut. En in de context van de Hackpen Hill formatie; zo ook geldt dit voor de observatie van drie-dimensionaliteit…

De beperkingen die betrokken zijn bij het gebruik van óf staand, óf neergelegd gewas, heb ik altijd een bijzonder interessant aspect van gewasformaties gevonden. Hoewel er de nodige gevallen zijn van speciaal behandelde oppervlaktes, (zowel in liggend als staand gewas) is er nauwelijks iets anders dan het opvallende contrast tussen een lichte en een donkere oppervlakte. Het weerspiegelt het idee van oorzaak informatie. Alsof het aan ons is, om de kleuren toe te voegen (gekleurde interpretaties?) of niet. Wij kunnen het zijn, die onze subjectiviteit op de texturen projecteren.

Het Kaballa systeem laat min of meer hetzelfde zien, wanneer de de kleuren worden toegevoegd, enkel in de lagere niveau's. Het doet dit op een bijzonder ordelijke wijze, wat zeer behulpzaam is voor het bevatten van de wetten van harmonie, die optreden bij kleurcomposities. Eerst zien we de drie primaire kleuren rood, blauw en geel. Dan, op een opnieuw lager niveau, vinden we de complementerende kleuren van de primaire. Deze complementaire kleuren zijn noodzakelijkerwijs gemengde kleuren. Concentrerend op kubieke uitdrukking, kunnen we het idee manipuleren tot het volgende diagram.

Een kubus van gerangschikte kleuren.
Het 2012 graancirkelseizoen heeft volgens mij nogal wat suggesties geproduceerd die aanleunen tegen het idee van een kleuren-spectrum dat betrokken zou zijn in de communicatie, of althans de pogingen daar toe. Indien we terug keren naar de Liddington formatie, wordt het belangrijk te melden, dat het twee stadia heeft gekend. Opmerkelijk bij het eerste stadium was het gebruik van lichte en van donkere lijnen. Deze extremen konden ontstaan door het verschil in dikte van de toegepaste lijnen. Bij het inspecteren van het centrum kwamen we al uit op verschillen in lijndiktes. Het is aan de hand van dit licht/donker verhaal, dat we er weer iets wijzer van worden. Het idee van verduisteren was duidelijk aanwezig in dit eerste stadium. Naast de lichte en donkere lijnen was er natuurlijk ook nog de groen-tint van het onaangeroerd gewas.
   
Met de intrede van het tweede stadium verscheen een vierde tint. Nieuwe oppervlaktes van neergelegd gewas voegde een soort laag van transparant lichtgroen over het plaatje. Het eerdere "wit" was inmiddels afgestorven, geplet door vele bezoekers onder regenachtige condities en later uitgedroogd, zodat het vooral geel-achtig werd. De nieuwe laag van neergelegd gewas leek meer groen te bevatten dan het geval was bij de eerste laag, omdat de halmen waren gegroeid en als gevolg dieper groen werden.

Klaprozen! Ogbourne Down, 29 juli 2012.
Een ander duidelijk spel met kleuren kan opgemerkt worden bij de "klaprozen formatie" bij Ogbourne Down. Nooit eerder in de gewasformatie geschiedenis hebben we een formatie mogen aanschouwen in een klaprozenveld! Luke Falcon legt ons op de CropCircleConnector website uit, dat een "retinoïde acid molecuul" in combinatie met een lens wordt uitgebeeld door de formatie. Retinoïde acid wordt gevonden in klaprozen en is belangrijk voor oog- en DNA-gezondheid. Het heeft dezelfde structuur als vitamine A en vitamine A Aldehyde.

Verder onderzoek heeft me geleerd dat één van de voornaamste kwaliteiten van retinoïde acid is, dat het visuele pigment effecten bewaart. Ik ben niet zeker wat dit precies betekent, maar het kietelt beslist mijn verbeelding, terwijl het de "gewasformaties bekennen kleur"-theorie moeiteloos ondersteunt.

Meer formaties die gaan over het thema van graduele verduistering of het gebruik van kleuren, presenteer ik hier, maar zonder commentaar, aangezien ik al behoorlijk afdrijf van de eigenlijke studie van de Hackpen Hill formatie. Ik verzeker daarbij, dat er nog meer formaties zijn dan hier getoond, die hoogst waarschijnlijk tot het thema behoren.
   
   
Terug tot de kaballistische interpretatie, een zeer essentiële richting in Kaballa is numerologie. Ik meen dat de getallen 26 en 13 thans genoeg aandacht hebben gehad. Vandaar dat ik wil verder gaan met enkele andere belangrijke getallen afgeleid van de Hackpen glyphe, maar alleen na te hebben gezegd dat traditioneel, de 10 sephiroth tesamen met de 22 paden, ons de meest vooraanstaande getallen opleveren die worden geassocieerd met Kaballa. Deze twee getallen bij elkaar opgeteld geven 32. We hebben dit getal op een zeer uitgesproken wijze gezien bij een andere Hackpen Hill formatie . Dat was in 2003.

Overigens was de hint "26" niet de enige toespeling die ik uit het onderbewustzijnsveld door kreeg. Een ander getal uit deze regio verscheen later tijdens mijn intensieve studie voor me. Het betrof "33" als, naar aangenomen mag worden, belangrijk om nader te onderzoeken.
    
Beide diagrammen drukken 33 uit. (in rood). Links: Het diagram toont 33 drie-dimensionale objecten.
Rechts: Het diagram toont 33 twee-dimensionale eenheden.
De meest bekende associaties die het getal 33 aankleven, zijn volgens mij de leeftijd waarop Jezus ten hemel steeg en de toppositie van piramidale hiërarchie waarvan de vrijmetselaren zich bedienen. De vrijmetstelaren op hun beurt, ontleenden de 33-symbologie aan aan de tempel van Salomo.

De wederopstanding van Jezus was ook al genoemd in relatie tot getal 13. Daarmee inziend dat de opstanding blijkbaar door deze twee getallen vertegenwoordigd kan worden, schiet mij nog een derde getal te binnen, die ook al dit thema behandelt. Het is getal "20". In de Tarot is getal 20 de meest expliciete opstandingskaart. Als we onszelf toestaan te kijken naar de kubus vanaf de invalshoek die het volgende diagram oplevert, dan zien we een overeenkomst in het bereiken van de exacte hoeveelheid eenheden die nodig zijn om de randen van het object te vullen.
    
Kubussen vanuit een andere invalshoek. Links: diagram.
Rechts: Chilcomb Down nabij Winchester, Hampshire, 1 juli 2012. © Richard Lansdowne
Waarom ascentie of wederopstanding zou moeten corresponderen met een voltooide reeks bouwstenen aan de buitenranden is nu de hamvraag geworden. Een antwoord die ik me kan bedenken, is dat een zich verruimende geest niet in één, of enkele richtingen zou moeten uitbreiden, maar er zeker van moet zijn álle richtingen te omvatten. Volledige omvatting is wat we vinden bij de getallen van de hemelvaart. Indien er sprake is van onvolledigheid zullen er gemakkelijk fouten worden gemaakt. Zoals we kunnen zien zijn de getallen 13, 26, 33 en nu 20, getallen van completering.

Wat de vrijmetselarij aangaat, kunnen we concluderen dat de geheime organisatie zich bezig houdt met het modelleren van de samenlevingsstructuur. Ze zijn de enige niet, maar ik geloof dat hun macht niet moet worden onderschat. Vandaag de dag lijkt de structuur van de (westerse) samenleving in haar voortdurend rusteloze manifestatie alle levensvormen op aarde te domineren. Dit terwijl het karakteristieken van een heilig skelet vertoont. Heilig in de ogen van bankiers, directeuren van grote multinationale bedrijven en opportunistische politici.

Aangezien ik niet ben betrokken ben bij de praktijken van de vrijmetselaars, en er sowieso weinig vanaf weet, kan ik er weinig oordeel over vormen. Daarom zal ik ze ook niet de schuld van de tegenwoordige grootschalige catastrôfes in de schoenen schuiven. Dit neemt niet weg, dat er, zoals algemeen bekend is, tamelijk verdacht materiaal uit de richting van de loges komt.

Vrijmetselaars van de 33ste graad.
Meest links; Aleister Crowley die eigenlijk nooit een officieel lid was.
Interessant in verband met de Hacpen Hill formatie én de eerder behandelde Oxleaze Combe formatie, is dat de hoogste baas bij vrijmetselaars is geïnitieerd tot de hoogst bereikbare graad van inwijding, namelijk de 33ste. Mocht iemand zich afvragen waarom zo een chef-commandeur een symbool van Baphomet op zijn ceremoniële hoedje draagt, laat me dan stellen dat u niet de enige bent.
   
Links: De sleutel van Baphomet van het ceremoniele hoedje.
Rechts: Drie van deze sleutels vormen een matrix van 33.
Wat ik wel weet, is dat het symbool of de sleutel van Baphomet een compilatie is van 11 kruisen binnen een ruitvorm. Drie van deze ruiten maken een kubusvorm (in 2D representatie) mogelijk. Dat lijkt me geen toeval aangezien we te maken hebben met de 3 x 11 = 33ste graad van meesterschap.
   
De sleutel van Baphomet in relatie tot het Oxleaze Combe ontwerp.
De relatie tussen de Baphomet-sleutel en de Oxleaze Combe formatie is duidelijk. Merk ook op hoe de sleutel wordt aangeraakt door vier schijfjes van de Oxleaze Combe figuur die uitzonderlijk zijn, aangezien ze niet, zoals alle overige schijfjes, aan de buitenkant zijn geplaatst. In verhouding tot de Hackpen Formatie kunnen ze centra voorstellen van gesloten eenheden aan de hoeken. Deze deze schijfjes, of eventueel bollen, blijken nu nog ietsje meer over zichzelf te vertellen. Ze houden de Baphomet-sleutel in positie.

Als laatste wil ik eens kijken naar de betrekkingen met getal 64 in de Hackpen constructie. Het is het complete getal van de I Tjing kosmologie. Het boek der veranderingen gebruikt 64 hexagrammen om daarmee al de mogelijke situaties in het leven te weerspiegelen. In de gewasformatie vinden we het getal in de categorie van verborgen kubussen. Je zou kunnen zeggen, de verborgen inhoud. Aangezien hexagrammen verwijzen naar getal 6 (hexa), wordt het duidelijk dat een verbinding kan worden gelegd tussen een hexagram en een kubus.
    
Beide diagrammen drukken getal 64 uit, hoewel het diagram links 64 kubussen toont
die op een bepaalde manier deels uit elkaar zijn gedreven.
Rechts: Een kluster van 64 kubussen indien in 3D perspectief beschouwd.
De verborgen 64 kubussen kunnen worden opgevat als potentiële mogelijkheden, of ook als inhoud van het verleden wanneer we er van uitgaan dat de constructie zich uitbreidt. Het is alles behalve onzinnig om de tijd-dimensie in de weergave van het groeiend graan te betrekken. Een bijzonderheid in dit verband mag genoemd worden, dat de som der getallen van de groeistadia het kroongetal 100 oplevert. Dat wil zeggen dat in de aanvang 1 enkele kubus wordt opgevolgd door een groep van 8 kubussen. Het stadium daar opvolgend, telt 27 kubussen. Dus; 1 + 8 + 27 = 36. De cluster van 64 als laatse erbij opgeteld maakt 100.

Conclusie.

Nu er zoveel getallen van completering zijn gevonden, kan men zich afvragen hoeveel meer voltooiing er nog bereikt wil worden? In de diagrammen gerelateerd aan 33, als ook in de diagrammen die gaan over 64, zien we duidelijk een aanleg of een suggestie voor groei. In feite kan dit idee in tal van aspecten in de formatie worden opgepakt. Telkens weer draagt het ontwerp een ontregelende factor aan die een stabiele of definitieve conclusie aan het rammelen brengt. Telkens weer is er iets dat een wending veroorzaakt, of dat onze observaties te niet doet. Als ik het gewasformatie fenomeen als geheel overzie, dan lijkt het mij een typerend kenmerk voor geslaagde formatie-ontwerpen. Het aloude gezegde; "niet dit, niet dat en zowél dit, áls dat", is weer op schitterende wijze aan de orde.

Hackpen Hill. © David Tarr.
Tot zover ik het begrijp, kan de Hackpen Hill formatie worden beschouwd als een verstand, hart en kracht expansie-gereedschap dat de fundamentele universele kosmische relaties weerspiegelt. Het kan ons mogelijkheden in alle soorten van richtingen aanbieden.

We kunnen daarbij denken aan een nieuwe wereld-orde als we het koppelen aan de vrijmetselaars, of zelfs een werkzame organisatie die de vrijmetselaars overschaduwen. Er zijn tenslotte altijd bazen boven bazen. We kunnen denken aan een alchemische steen van kennis en wijsheid toepasbaar op allerlei wetenschappelijke of filosofische zaken. Agrippa en Paracelsus zouden van de formatie hebben gesmuld. Op het directe niveau van bestaan als menselijk individu, kunnen we denken aan een concept dat ons onderwijst of helpt te oriënteren over wie we in essentie zijn, of waar we staan in de ons omringende kosmos.

Zowel in het Boeddhisme, als in vele andere grote bronnen van waarheid, is het vaak gesteld dat alles een illusie is. Maya. Het komt me voor dat de fantastische Hackpen Hill formatie dit weten onderstreept. Het helpt ons om nauwer verbonden te worden met de super-positie van waaruit we de wereld der illusies (Sangsara) kunnen doorzien. Door opgetild te worden tot deze positie, worden we in staat gesteld grote problemen op te lossen. Het zal ons helpen meesterschap over de illusies te verwerven. Door dit te bereiken verschaft het kosmogram mogelijkheden waar we nauwelijks van durven dromen!

Naar mijn mening is de formatie daarom waarachtig miraculeus en ook vanwege de supercomplexiteit zonder deze in een wildernis van kunstmatig geforceerde uitdrukkingen kenbaar te maken. Wat een klasse! Wat een wonderbaarlijk geschenk!

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Home

 

Randell, betekenis van graancirkels